Door: Tijani Boulaouali
11-04-2014
11 april 2014
Zoals we gewend
zijn van Geert Wilders is de islam het mikpunt van karikatuur. Begin
2013 waarschuwde hij zijn Australische vrienden voor de islam als zijnde
het kwaad voor de mensheid dat het Westen in gevaar: " a totalitarian
ideology” .
Onder
de titel ‘We moeten Mohammed ontmaskeren’ verscheen van hem in HP/De
Tijd in 2011 een artikel waarbij hij de profeet Mohammed analyseerde,
zogezegd om de ware aard van deze man aan het licht te brengen en het
taboe rond hem te doorbreken.
Niks
nieuws onder de zon, kan ik vertellen. Zijn schrijfsel is een mengsel
van uitlatingen van oude en moderne schrijvers, die in het verleden
reeds werden bekritiseerd en gecorrigeerd door westerse denkers en
onderzoekers. Desondanks worden ze nog steeds door Wilders herhaald bij
iedere gelegenheid, vanwege hun "ideologische kracht” en
"propagandistische invloed”.
Wilders
plagieert gewoonweg de negatieve kritieken van anderen en ketent een
oorlog tegen de islam als een Don Quichote. Hij mist kennis van de
islamitische religie en cultuur. Hij voedt nog steeds zijn discours met
de gedachten van anderen zonder terug te keren naar de oorspronkelijke
bronnen. In dit verband beperk ik me tot drie controversiële kwesties
die Wilders noemt: de personaliteit van de profeet Mohammed, zijn omgang
met vrouwen en ‘het geweld van de Islam’.
Wilders
betwijfelt ten eerste dat de profeet een vroom mens was. Sterker nog,
hij beschouwt hem als een zieke man die aan acromegalie en epilepsie
leed en een verstoorde paranoïde persoonlijkheid had. Vreemd is dat hij
geen gehoor geeft aan diverse authentieke studies over de personaliteit
van Mohammed die voornamelijk in het westen worden uitgevoerd en die in
feite zijn aantijgingen en beschuldigingen overtuigend lijken te
beantwoorden. In dit kader herhaal ik een wezenlijke vraag die al
gesteld werd door de Zwitserse denker Hans Küng: "Wat zou er van Arabië
geworden zijn zonder Mohammed, deze man met een roeping, charisma, visie
en bravoure?”(Küng, De islam, p. 171).
Ten
tweede misbruikt Wilders de kwestie van de vrouw om de profeet te
vernederen. Ter bevestiging van zijn claim gebruikt hij zijn eigen visie
op het verhaal van Aïshas huwelijk waarin hij de profeet als een
seksueel geobsedeerde en vrouwenhater beschrijft. De Brits filosofe
Karen Armstrong zegt over die dubbelzinnigheid: "Het is waar dat
Mohammed één van die bijzondere mannen was die het gezelschap van
vrouwen oprecht kon waarderen. Enkelen van zijn mannelijke metgezellen
waren verbaasd over zijn toegeeflijkheid tegenover zijn vrouwen en de
wijze waarop zij zijn gezag aanvochten en hem van repliek dienden.
Nauwgezet droeg Mohammed zijn steentje bij aan het huishouden, hij
herstelde zijn eigen kleren en zocht het gezelschap van zijn vrouwen.
Hij vond het vaak een genoegen één van hen mee te nemen op een
veldtocht, en hij vroeg hun advies en nam hun raad serieus. Bij één
gelegenheid hielp zijn intelligentste vrouw, Oemm Salama, een muiterij
te voorkomen.”(Armstrong, Islam, p. 71).
De
islam tenslotte ziet Wilders en consorten als een gewelddadige
godsdienst. Om deze bewering te staven baseert men zich op historische
incidenten, zoals het conflict met de Joden en de afvalligheidskwestie.
Karen Armstrong stelt met klem dat de slachting van de Banoe Koraiza
(tegen Joden) wreed was, "maar het zou een vergissing zijn die
gebeurtenis te beoordelen naar de maatstaven van onze eigen tijd. Dit
was een zeer primitieve samenleving: de moslims waren zelf ternauwernood
aan vernietiging ontsnapt en als Mohammed had volstaan met de
verbanning van de Banoe Koraiza , zouden zij zich hebben aangesloten bij het Joodse verzet in Chaïbar en de oemma (gemeenschap, red.)
in een volgende oorlog hebben gestort. (….)De strijd was geen indicatie
van enige vijandigheid tegenover Joden in het algemeen, maar alleen
tegen de drie rebellende stammen.” (Armstrong, Islam, p. 77 en 78).
De
afvalligheidszaak wordt vaak als een lokaas gebruikt door de PVV die de
aanwezigheid van de islam in Nederland ‘bestrijdt’ en daarmee op
stemmen jaagt. Om deze claim te benadrukken, neemt hij de opvattingen
van sommige ex-moslims over zonder enige raadpleging in de Koran en de soenna
en hoe de theologen dit geïnterpreteerd hebben. Afvalligheid in de
islam is een omstreden kwestie in de islamitische jurisprudentie.
Als
Wilders de westerse wetenschappelijke literatuur eens goed zou
doornemen, zou hij terstond ontdekken dat zijn kennis over talloze
islamitische zaken onjuist zijn. Zonder het te weten, ontmaskert hij met
zijn eigen artikel zichzelf!
Bron: De Moslimkrant
http://www.demoslimkrant.nl/home/2014/4/314.html